

Cannabis
Cannabis (afkomstig van de Cannabis sativa of hennepplant) kennen we in de vormen wiet en hasj. De werkzame stof in hasj en wiet is THC (tetrahydrocannabinol). Je kunt wiet en hasj op verschillende manieren gebruiken. Soms wordt het gerookt in een speciale pijp maar meestal wordt het gerookt als joint (een soort ‘wietsigaret’). Blowen is het roken van wiet en hasj. Je kunt wiet en hasj ook verwerken in bakproducten, zoals een spacecake. Het effect van een spacecake is pas na één tot twee uur merkbaar. Hierdoor denken veel mensen dat het niet werkt en nemen ze nog een extra plak. Het risico op een te hoge dosis is hierdoor groot. De Opiumwet noemt wiet en hasj softdrugs - ze zijn dus officieel verboden. Het bezit van maximaal vijf gram voor eigen gebruik is strafbaar voor de wet maar wordt gedoogd. Als u meer dan vijf gram softdrugs bezit en u wordt betrapt, bent u strafbaar en zal strafvervolging tegen u worden ingesteld.
Wat doet het met je
Over het algemeen versterkt cannabisgebruik de stemming. Een gebruiker kan dus vrolijker worden maar ook depressief of angstig, als hij vóór gebruik al onrustig was. Cannabisgebruikers zijn vaak uit op een ‘relaxt’ gevoel en op intense zintuiglijke waarnemingen. Afhankelijk van de soort cannabis kun de gebruiker ‘stoned’ of zelfs ‘high’ worden. Hij kan zich vaak maar op één ding tegelijk concentreren en krijgt een licht gevoel in zijn hoofd.
Werkingsduur
Enkele minuten na het roken van cannabis treden effecten op. Deze houden één tot vier uur aan. Bij het eten of drinken van cannabis treden effecten ongeveer een uur na gebruik op. Deze effecten houden gemiddeld drie tot twaalf uur aan.
Gevolgen cannabisgebruik
Hoewel cannabis volgens de wet onder softdrugs valt, is het gebruik ervan niet zo ‘soft’, niet zo onschuldig als u misschien zou denken. In hoge doses kan cannabis namelijk angst, paniek en psychoses veroorzaken. Cannabisgebruik kan een sterke geestelijke (en soms, bij zeer frequent gebruik, ook lichamelijke) afhankelijkheid veroorzaken. Veel voorkomende gevolgen van cannabisgebruik zijn:
- Verminderde belangstelling voor gewone, dagelijkse activiteiten (school, sport).
- Geheugen- en concentratieverlies (zoals in gesprekken of bij het maken van huiswerk).
- Verminderde schoolprestaties.
- Onverschilligheid.
- Psychiatrische problemen (zoals psychoses, groter risico op schizofrenie).
- Verminderde vruchtbaarheid.
- Schade aan de longen en luchtwegen (het roken van drie pure joints is gelijk aan het roken van twintig sigaretten; het teer van een joint bevat vijftig procent meer kankerverwekkende stoffen dan van een sigaret).
- Lagere drempel naar harddrugsgebruik.
- Geestelijke en lichamelijke afhankelijkheid.
Gewenning
Soms is bij cannabisgebruik sprake van een negatieve tolerantie, dat wil zeggen: er is minder nodig voor hetzelfde effect.
Bron: Brochure Dat doet mijn kind niet, toch?, De Hoop, 2007
Vorige »